Van het tempeltje in de buurt bekijken uit de vorige post is niet veel gekomen, want ik trok het al niet meer op het moment dat we weggingen. Gelukkig was er genoeg afleiding in het hotel want de helft was afgehuurd voor een supergroot bruiloftsfeest, waar we het niet konden laten om daar ‘stiekem’ even een rondje doorheen te lopen.
Maar na een aantal dagen te hebben uitgerust in Mataram was ik genoeg op krachten gekomen en vertrokken we naar Tetebatu in het binnenland van Lombok. We regelden een taxi, want gek genoeg was de speciale shuttle bus voor toeristen duurder dan een prive meter (!) taxi. We konden merken dat we bijna een week lang op ons gat hadden gelegen in een hotel want de reis naar Tetebatu, een slechts anderhalf uur durende reis in een prive taxi, was ons al bijna teveel en stiekem lagen we gewoon op de achterbank te slapen.
Tetebatu is een klein dorpje en er zijn maar weinig toeristen te vinden, althans, als je de toergroepen die zo af en toe langs komen niet mee rekent. We reden naar een hostel in de rijstvelden waar we opgewacht werden door een dolenthousiaste jongen die, zodra ik duidelijk had gemaakt dat we wel een kamer wilden, niet wist hoe snel hij naar de receptie moest rennen om een sleutel te halen. Het is hier laag seizoen. We kregen een mooie kamer die uitkeek op de rijstvelden voor nog geen 8 euro per persoon voor een nacht. Helaas kwam Dokon, werknemer en gids van het hotel, ons ‘s avonds vertellen dat hij was vergeten dat de volgende dag een Nederlandse toergroep zou aankomen en we niet in de kamer konden blijven. Gelukkig kregen we een even schattig huisje voor 5 euro per persoon dus hoorden je ons niet klagen. ‘s Avond kwam Dokon ons vergezellen en leerde hij ons twee Indonesische kaartspelletjes, want we hadden wel genoeg van onze eigen spelletjes. Laat ik het zo zeggen, we kenden er maar twee, waarvan beiden niet echt leuk zijn om met twee personen te spelen. Een goede tip voor reizigers: neem nog eens goed de kaartspellen door! We hebben enorm met hem gelachen, vooral toen hij de enorme krekel die in onze kamer rondvloog ving en in zijn portomonnee stopte ( voor later…?!). Het beest bleef gek genoeg stil in zijn portomonnee zitten, terwijl het beest in vrije toestand als een malloot tegen alles opvliegt. Dokon verleidde ons om een toer met hem te doen de volgende ochtend. De tocht zou niet te zwaar zijn had hij beloofd, want Nick was nog niet 100 procent.
De volgende morgen liepen we lekker vroeg met onze gids de rijstvelden in. Balancerend op de randen van de sawa’s leidde Dokon ons naar de mooiste panorama’s. Zo nu en dan liepen we door wat traditionele dorpjes. Deze dorpjes, die gemiddeld uit een stuk of vijf hutjes bestaan zijn erg afgelegen, wat aan de ene kant enorme rust geeft van de drukke straten in Lombok, maar als nadeel heeft dat het erg onbereikbaar is voor bijvoorbeeld medische hulp. Zo kwamen we een gezin tegen waarvan de man ziek was. Hij had waarschijnlijk een of andere infectie opgelopen via een wond die hij had gekregen door zijn werk op het land, maar aangezien de dokter zo ver weg was en hij die overigens ook niet kon betalen, blijft hij maar in z’n hutje afwachten totdat hij weer beter zou wordt. In een aantal dorpen konden we zien hoe ze rijst, cacao of tabak aan het drogen waren. De dorpen bestaan overigens met name uit vrouwen, omdat de mannen in Maleisie werken waar ze vaak een contract hebben voor een aantal jaar. Met het geld dat ze daar verdienen kunnen ze in Lombok een huis maken en trouwen, want een trouwerij kost 1,5 miljoen roepie (150 euro), eigenlijk een bijna onbetaalbaar bedrag voor veel inwoners. Bij een neef van Dokon dronken we na een wandeing van twee uur zoete Lombok koffie in zijn huis. Ondanks dat het huisje een simpele hut was, had het een veel mooiere uitstraling dan de vieze oude huizen in de drukke dorpen. Dokon’s neef, zelf rond de dertig, was getrouwd met een meisje van negentien, iets waar we natuurlijk van opkeken. Het blijkt hier echter de normaalste zaak van de wereld te zijn. Een man kan zich pas rond die leeftijd, als hij een aantal jaar heeft gewerkt in Maleisie, een vrouw veroorloven. Dokon, ook rond de dertig jaar, vertelde later dat hij zelf ook een vrouw had van achtien. Ook vertelde hij ons over de Sasak traditie hier. Niemand steelt, want als je dat doet wordt je door het dorp gelynched. Ook vertelde hij dat de Sasak’s een regel hebben voor jonge stellen die daten. Namelijk, wanneer een jongen zijn meisje niet voor negen uur ‘s avonds terug brengt, moet hij met haar moet trouwen. 1 minuut later en je bent de pineut. We konden het toen amper geloven, maar later op Gili Meno hebben we echt iemand ontmoet die dat is overkomen. Die jongen was met een meisje en zijn nichtje naar wat watervallen in Lombok gegaan en had enorme pech gehad met het transport terug naar huis, waardoor ze allen op Lombok moesten blijven. Terwijl de desbetreffende jongen had geregeld dat de meisjes bij familie konden overnachten en hij netjes in een ander huis sliep, moest hij bij terugkomst op het eiland toch met zijn meisje trouwen. Zelfs de getuigenis van het nichtje kon de arme jongen niet helpen. Nou, daar staan je oren wel even van te klapperen!
We vervolgden onze reis door het Monkey Forest waar we geen apen zagen, maar wel heel veel koriander vonden, heerlijk! De volgende stop was bij een ander deel van Dokon’s familie. We hadden het voorrecht daar te lunchen. De vrouwen maakten voor ons pisang goreng (gebakken banaan) en een paar heerlijke groentengerechten met rijst. We hadden heel wat bekijks van de dorpgenoten die allemaal bij het hek stonden te kijken hoe wij met ons handen alle lekkernijen naar binnen zaten te schuiven.
Na dit laatste intermezzo liepen we nog even door naar twee prachtige watervalletjes, waar je alleen kon komen via een riviertje. Daarna namen we een busje terug naar het hotel. Een half uurtje later stond Dokon’s broer al weer klaar om ons op de scooter mee te nemen naar de handwerkdorpjes. Zo bezochten we een ijzersmid en pottenbakkerij dat hier overigens grappig genoeg ook ‘pottenbakken’ wordt genoemd. Bij het pottenbakken bleken wij weer eens de attractie te zijn in plaats van andersom en werden we meegetrokken naar het badmintonveldje – badminton is een grote sport hier – waar het halve dorp was uitgelopen om ons te zien badmintonnen. Als laatste werden we natuurlijk nog even langs een souvenierswinkeltje gebracht, dat overigens erg interessant was. De man bleek namelijk vechthanen te hebben. Hier in Lombok houden ze wel eens illegale hanengevechten, waar je behoorlijk wat geld mee kan winnen. De hanen krijgen een mes om hun poten gebonden, waarmee ze elkaar kunnen verwonden. Het spreekt voor zichzelf dat de eerste die het loodje legt heeft verloren.

Aan het einde van de dag konden we terug kijken op een heerlijke dag. Anders dan gepland, want de wandeltocht die 2 uur zou duren, duurde uiteindelijk 7 uur, maar het was echt de moeite waard. ‘s Avonds aten we Ayam Pelecing, kip met sambal en lachten onze gids uit voor zijn traditionele outfit die hij speciaal had aangetrokken om de Nederlandse toeristen van de toergroep te laten denken dat ze er altijd zo bijlopen in het restaurant. De volgende morgen had Dokon voor ons een chauffeur geregeld die ons langs Mataram zou brengen en vervolgens naar Bangsal, de havenstad waar we de boot zouden pakken naar Gili Meno.
Meer verhalen en foto’s komen eraan! :)

Foto’s Tetebatu

Tags: ,

2 Comments on Tetebatu

  1. Emilie says:

    Oh, wat goed te lezen dat je er weer een beetje bovenop bent Nick! En jullie gaan er meteen weer tegenaan, te gek hoor :)

    Ben jaloers vanuit een zonnig maar koud Amsterdam!

    Liefs

  2. Nick en Bibi says:

    @Em thanks! hoe is het met jou?

Leave a Reply

*